De club van de heldenstreep

Een tijdje geleden kreeg ik een berichtje uit heel onverwachte hoek, eerder onbekende hoek, tegelijk vertrouwde hoek. De hoek waarin zich een mama bevindt die bezorgd is. Dat is enerzijds de hoek waarin quasi elke ouder zich kan en wil bevinden. Anderzijds was het ook een hoek met een hartenkindje. Een andere hoek waar men zich noodgedwongen moet bevinden, eentje die we liefst kilometers zouden omzeilen.

Het doet me plezier dat mijn schrijfsels hun weg vinden en dat deze mama hier terecht is gekomen gewoon door het één en ander te beginnen zoeken ifv haar dochter. Zo zie je maar… de wereld is klein… En blijkbaar helpt het mensen om in het leven van iemand te kunnen meekijken die iets soortgelijks meemaakt.

Ze is cool. 2 broers in toom te houden, met het hartje van goud… Ik stel graag deze mini heldin met de heldenstreep voor

Ons hart, niet zomaar motor van het lichaam genoemd. Wanneer je dan op een gegeven moment, zij het tijdens de zwangerschap, net na de bevalling of al wat verder in het leven, hoort dat die motor niet draait zoals ie zou moeten of misschien zelfs een paar onderdelen mist, dan verzeker ik je, je wereld stort in. In geen duizend stukken, maar miljoenen. Het leventje waar je zo reikhalzend naar uitkijkt, staat te balanceren op een erg dun touw. Een touw dat zo dun is, maar vooral een leventje en een ouderhart of 2 dat nog niet getraind was dit kunstje zonder slag of stoot te vervolmaken. In het beste geval krijgen we een emotionele stoot vanjewelste. In een ander geval staat er geen naam op je gevoel van dat moment, laat staan op wat nog komen gaat.

Ikzelf heb het geluk gehad mezelf emotioneel te moeten stretchen met een goede “afloop”. Om het even cru te zeggen, ja… mijn dochter heeft een kans gekregen op leven. Weliswaar met hulp. Maar met vooral geluk dat die hulp kon baten. Één ding is wel zeker… Mijn leven werd nooit meer hetzelfde. Wat ik aanzag als een zwak worden voor de grote boze wereld door mama te worden, bleek peanuts. Mijn “zorgeloos” ouderbestaan is gesneuveld tijdens de fysieke oorlog die we leverden medio 2021…

Zoals ik reeds in voorgaande blogs schreef, was het verdict er eentje die me volledig destabiliseerde. Wat al een erg stressvolle periode was vol van angst, maar vooral ook drijfveer van haar, veranderde plots. Al die tijd geloofde ik te moeten vechten omdat zij hier wou zijn, omdat zij perfect groeide en het ongelooflijk goed deed gezien de omstandigheden. Helaas hadden we nog maar eens pech en kwam daar een bijkomend, totaal op zichzelf staand, “issue” bij. En ik probeer het hier bewust wat in een minimalistische context te plaatsen om deze blog niet te zwaarwichtig te maken. Mensen die zich hier helaas in herkennen, zullen dit anders aanvoelen.

De eerste uren drong niet alles door. Ik klampte me vooral vast aan de woorden “dit is oplosbaar”. De echte schok kwam pas later. Iets waar ik ooit heel kort over was en nadien bewust de kast in dropte voor de publieke opinie, wil ik nu wel graag delen. Alleen dan kan ik een volledig beeld schetsen.

De hartafwijking waar wij mee geconfronteerd werden (Tetralogie van Fallot) komt erg vaak voor bij een bepaalde genetische afwijking (22q11). Dit is een afwijking die de dag van vandaag een reden tot afbreken van de zwangerschap zou kunnen zijn. Enkele weken voor dit verdict kregen we nog al eens die keuze, kiezen dan in functie van mijn veiligheid. Omdat ons kleine hummeltje zo bewees hier te willen zijn, besloten we toen alles uit de kast te halen. Door te gaan zolang er geen acuut gevaar voor mij was. Nu lag dat net even anders…

We kregen hiervoor een week bedenktijd. Enerzijds nadenken wat we zouden doen als de genetische afwijking erbij komt. Anderzijds ook nadenken of we een punctie zouden laten doen om het te weten. Wetende dat zo’n punctie nooit zonde risico’s is, maar vooral in mijn geval (placenta percreta) best wat extra risico’s voor zowel mezelf als de baby inhoudt.

Als ik heel eerlijk ben, was mijn keuze gemaakt nog voor we de keuze kregen. Maar ik moest ook aan haar denken. En we zouden de keuze met 2 maken. Geen egoïstische keuzes maken. Ik besloot wat meer info te vergaren over de aandoening en wou vooral weten of ze een menswaardig bestaan kon hebben. Ik heb gepraat met mensen uit mijn directe omgeving en kreeg bakken kritiek over mijn denkwijze. Ik heb geleerd dat niemand raad kan geven op zo’n moment, al zeker niet wie gelukkig nooit de keuze moest maken. We besloten dit stuk binnen ons gezin te houden, vooral binnen onze relatie dan. Want wat goed of fout is, bleek nu puur een gevoel te zijn.

We konden niet wachten tot we terug konden bij de artsen, want ohja, dat was in een fase waarin ik nog niet definitief was opgenomen, maar al wel 2x per week de plaatselijke spoeddienst kwam bezichtigen.

Met een bang hartje, f*ck woordspelingen, vertelden we dat we de punctie niet zouden doen. Overladen met een hoofd vol argumenten werden er geen verdere vragen gesteld en ons besluit gewoon geaccepteerd. Dit is nog steeds iets waarvoor ik de arts in kwestie (ja, jij die ooit, zonder ons beider weten, mijn buurvrouw bleek te zijn) erg dankbaar ben. Ik wil dan ook hier geen verder relaas van onze argumenten doen, maar laat ons zeggen dat vroegere protocollen, heel wat gradaties en erg weinig andere risicofactoren bij ons, de doorslag hebben gegeven.

Goed, wij gingen verder als hartenouders en kregen heel wat begeleiding. Ik besloot dan toch mijn zwangerschap maximaal te rekken en de maanden verstreken verder…

Het engelbewaardertje dat Lucille kreeg de dag voor de operatie. Iets om voor altijd te koesteren…

Begin dit jaar werd de hersteloperatie uitgevoerd. Helemaal hersteld is dit niet, maar goed genoeg voor de komende 10 à 15 jaar. Het was een enorm zware week. De mini heldin heeft erg lang “geslapen” na de ingreep. Het duurde maar liefst 6 dagen. Daar zit je dan naast een bedje, een kamer vol apparatuur, alarmen die je eigen hart af en toe doen stilstaan. Maar vooral met bakken vol geduld en uithouding. Veel meer dan ik kon verwachten. In een constante waakstand, het hakt erin. Maar we doen het, zoals iedereen dit wellicht zou doen, mocht men het meemaken.

Een kamer vol apparatuur

Na enkele dagen zag ik voor het eerst haar wonde. Ik was voorbereid. Maar niemand had me kunnen voorbereiden op wat ik zou zien… Neen, ik had dit veel erger verwacht. Al na enkele dagen zag ik hoe snel een kind geneest. Weliswaar oppervlakkig, maar dat litteken gaf me zoveel moed. Misschien omdat ik het net nog zelf had meegemaakt. Als de buitenkant er al zo “oké” uitzag, zou de binnenkant dat ook wel zijn.

Het heldenstreepje de eerste dagen

Wat me vooral hielp in die onzekere periode was nuchterheid en wetenschap. Misschien niet voor iedereen weggelegd, maar bij mij deed het wonderen.

Je kind binnenrollen al huilend in het OK, niet helemaal zeker zijn of je haar oogjes nog ooit mag zien open gaan, bah… verschrikkelijk! Maar de nuchtere gedachte dat niets doen ons 100% zekerheid geeft dat ze ze veel te snel zou moeten toedoen en dat de slaagkansen hier maximaal zijn, deed me verder tot rust komen. En ja, ik heb in die tijd traantjes gelaten, angst gehad en vooral steun en liefde gezocht. Maar dat is het lot van “ouder” zijn.

De avond voor de ingreep

Het ontwaken ging, zoals ik al zei, erg moeizaam. Eens ze wakker was, dacht ik dat alles voorbij was. Ik was nochtans gewaarschuwd. Door de lange sedatie was er ook sprake van afkicken. Je leest het goed, afkicken. Stel je gerust maar voor hoe iemand na jaren druggebruik om de methadon smeekt en tegelijk de meest enge gelaatstrekken vertoont. Ja dat dus, weliswaar hier een baby. Vies…

Ik moet eerlijk zijn. Ik heb het gefilmd. Na een tijdje zag ik er de humor van in en besloot ik een opname te maken. Waarom? Wel als mijn dochter wat ouder is, zal ik haar laten zien wat drugs met haar doen. Misschien is dat dan weer mijn remedie voor mijn angst voor die grote boze wereld van weleer.

En verder mag ze op beide oortjes slapen, die opname haalt nooit mijn blog of eender welk ander medium.

Na een kleine 2 weken mochten we het ziekenhuis verlaten. Dit alles vooral met een enorme dankbaarheid. Dankbaar voor alles wat voor haar werd gedaan, de gedrevenheid waarmee de zorgverstrekkers tot hun laatste adem spurtten bij een alarm dat anders fataal had geweest, dankbaar voor de wetenschap, voor de tijd waarin we mogen leven. Mogen leven, het leven dat ze mag leiden en niet langer lijden.

Intussen zijn we een goed half jaar verder. We weten intussen ook dat ze de genetische afwijking niet heeft. Ze maakt sprongen als nooit tevoren. De motor draait… en hoe. Buiten een lekkende hartklep en een te smalle longtak gerekend. Maar die worden later hersteld. En die heldenstreep die kreeg ze er gratis bij.

Wie zoekt, die vindt…

De avond voor de operatie keek ik met oceanen vullende ogen nog eens naar dat egale lijfje van jou. Zo zou ik jou nooit meer zien. Heel eerlijk, op dit moment kan ik nog steeds bij het schrijven hiervan een klein vijvertje vullen. Maar dat streepje laat jou wel leven. We benoemen het echt als jouw heldenstreep. Net zoals ik er eentje heb voor mijn daden vorig jaar. Onze heldendaden. Het verbindt ons zo hard. Ergens ben ik trots dat ik ook dat streepje (zeg gerust streep) mag dragen. En zo vinden de jongens hier thuis onze streepjes zelfs best cool.

Het streepje de eerste maanden

De vraag die ik een tijdje geleden kreeg van die mama waarover ik sprak, was “wat later?” Wat later als mensen haar zullen aanspreken over dat streepje? Hoe zal ze het zelf vinden? Heel eerlijk… ik weet niet of ik een pasklaar antwoord heb. Maar ik vond ons idee van het heldenstreepje wel iets om te delen. Met nog 2 kinderen van 9 en bijna 4 in huis, denk ik dat ik wel een idee kan geven van hoe kinderen ermee omgaan. Ze vinden het best cool, maar het meeste van de tijd zijn ze er gewoon echt niet mee bezig.

Deze zomer was onze eerste vakantie samen. We hebben het streepje goed beschermd en zo weinig mogelijk blootgesteld aan de zon. Maar uiteraard is het soms zichtbaar. Af en toe spraken mensen ons erop aan. Misschien was het meer geweest, mochten we op een erg drukke plaats geweest zijn. Maar we vertellen dan gewoon met trots wat een heldin ze is. En dat zullen we blijven doen. Zodat ze altijd zal horen hoe trots we zijn op haar vechtlust, hoe uniek dat streepje haar maakt.

Goed beschermd het strand op

Ja, we hebben een zorgenkindje, maar eentje met een hartje van goud, waar we verdomd trots op zijn. Heldin!

Welkom, in de club van de heldenstreep…

(N.B. Vanuit het ziekenhuis werd ons meegegeven dat ook emotioneel kan worden ondersteund wanneer ze later alsnog moeite krijgt met de ingreep, met het anders zijn, met het litteken, ook dat van de drains,…)

TIP: hier lang gesmeerd met Cicalfate en dat deed wonderen

HHH, over Helden, Herstel en Hét mamabrein

Los van mijn niet zo zorgvuldig gekozen titel is HHH ook gewoon keihard lachen. Niet dat er hilarische humor van de bovenste plank of andere billenkletsende schrijfsels te verwachten zijn. Eerder een vriendelijk verzoek om te relativeren en al eens te lachen met wat we soms miserie durven te noemen, maar het eigenlijk helemaal niet is.

Meer dan een jaar verder nadat alles begon, meer dan 9 maand verder nadat ik niet langer zwanger was, meer dan 6 maand verder nadat dat monster uit heel mijn lijf kon worden gehaald, meer dan 4 maand verder nadat haar hartje, zo goed als nu mogelijk, werd hersteld. En toch… Toch blijft de confrontatie dagelijks aanwezig. Een confrontatie met mezelf. Alsof ik het nooit volledig zal verwerken, misschien zelfs niet wil verwerken. Maar nu ik het zo opsom… Is dat zo abnormaal?

Mijn mentaal herstelproces is nog maar begonnen…

Mijn leven zal wellicht steeds een verhaal zijn van vóór en na 2021. En dat is eigenlijk dik oke. Ik wil dit ook niet uitwissen. Hoe rauw mijn verdriet en mijn gevoel van onrecht nog steeds kan zijn. Ik moet toegeven dat het me ook zoveel bij heeft gebracht.

Een kind krijgen, ouder worden, het doet wat met je. Een kind op de wereld zetten, niet iedereen gegeven. Omdat het verdomme echt niet evident is!

Vorige week ging ik nog eens langs in het ziekenhuis en had ook een gesprek met de psychologe. Aangezien we elkaar na al die tijd zo goed kennen (enfin zij mij toch), het vertrouwen goed zit, besloten we onze gesprekken online verder te zetten. Het zou me een hoop stress besparen dat ik dat tussendoor kon doen zonder rush. Want dan mist het zijn effect. (En toegegeven die lange tijd niet kunnen autorijden zat er ook voor iets tussen.) Dus ik zag haar voordien enkel in mijn ziekenhuiskamer, ook wel op cruciale momenten op andere plekken, en online. We besloten elkaar nog eens live te zien.

Me volledig onbewust van haar zijn in haar functie, werd ik overspoeld door een vreemde emotie toen ik de dienst fertiliteit binnen wandelde. Alsof Damocles niet langer met zijn zwaard zwierde, maar naarstig voor het gereedschap uit het Peulengaleis koos, met name het hamertje en het beiteltje.

Zo confronterend dat ik, dat wij, in dat vakje hadden gezeten. Alsof ik pas besefte dat de kans op een stilgeboren kind veel groter was dan op ons Lucilletje, ons popje. Geen Lucille… Of toch geen Lucilletje dat verder kon groeien en bloeien tot wie ze nu al is en later zal worden. Plots druppelden alle verdrongen angsten door.

En alsof dat gedruppel niet genoeg was, kwam er enkele uren later een tsunami los in dat prehistorische brein van mij. Net zo’n vloed als wat ik mij voorstelde bij het geluid dat ik net mocht ervaren tijdens mijn nachtelijk schrijven.

De kleine held vond heel dat verteringsproces langs de normale weg maar niets en besloot de terugstromende kraan even open te zetten. Haaaa… het moederschap, genieten toch hè? ‘s Nachts bedjes afhalen, wasjes draaien, kindje wassen en vervolgens beseffen dat dat bed door de matrasbeschermer heen vermorzeld werd, dus dat we dan maar de nacht verderzetten met een wroetend knulletje tussen ons in. Langs beide kanten voorzien van een lijfwacht in constante staat van paraatheid voor het opvangen van nog meer… ja… kots… Een mooier woord vloeit er momenteel niet uit die vingers van mij. En dus, rustig nog een beetje schrijven om dan heerlijk in slaap te vallen. (HHH)

Ik geniet zo van de vriendschap tussen de jongens. Ze werden deze week twee keer van elkaar gescheiden en dan merk je hoeveel ze om elkaar geven. Prachtig toch? Ware het niet dat die twee ook ‘s nachts samenhokken. En neem dat vooral letterlijk, als in bedjes tegen elkaar geschoven en al. Gelukkig kwam de tsunami niet over de scheidingslijn, maar het zorgde er natuurlijk toch maar weer voor dat de grote held zijn sowieso moeilijk te vatten slaap kwijt was. Wellicht deed het luchtje in de kamer er ook geen goed aan, maar buiten verluchten, de boel opkramen, een snel dweiltje over de vloer terwijl de halfverteerde druiven me blijven koeioneren en een etherische olie van lavendel in zijn geurwolkje doen, zat er niet echt iets anders op. Nu goed, we klagen niet, na enkele minuutjes deed de lavendel zijn werk en was de rust en kalmte wedergekeerd.

En hoezeer dit voor velen herkenbaar is, hoezeer de meesten vloeken van dat soort situaties, sinds het afgelopen jaar kan ik zelfs dankbaar zijn hiervoor. (HHH) Ik besef het niet altijd op het moment zelf, maar wel meer en meer. Ik mág dit nog meemaken… En zo zie je maar weer dat het telkens de kinderen zijn die je helemaal uit je doen halen. Ik was aan het schrijven over…

Haaaa… verrekte zwangerschapsdementie! (HHH) Ze blijft maar duren. Komt het ooit nog goed? Of is het dan toch een restantje van de covidbesmetting? Of een resultaat van het niet intellectueel worden uitgedaagd gedurende meer dan 13 maanden? Wat het ook moge zijn, ik ben op dat vlak nog steeds niet mezelf. Net zoals ik mentaal voel nog steeds mezelf niet te zijn. En haaaa… again, we zijn er. “Den draad” gelijk ze zeggen. Al kon ik ook gewoon even terugscrollen, maar dat vertik ik dan net te doen. Enfin, ik deed het nu toch, om de lijn in mijn verhaal toch een beetje te vinden, of niet…

We zijn nu zoveel verder en de zwaarte van mijn verhaal is bij iedereen wel wat gaan liggen. Ik werk terug parttime, ga sporten, spreek terug af met vrienden,… Kortom, een normaal leven. Voor de buitenwereld… (en voel vooral het sarcasme in dat beletselteken) Het wil me niet lukken en ik meen te mogen zeggen dat het daar nog veel te vroeg voor is. Ik wil dit helemaal niet plaatsen. Zoals mijn psychologe het zo mooi verwoordde: plaatsen is iets in een doosje stoppen om het vervolgens nooit meer open te doen. En dat mag niet, dat wil ik niet. Het is iets dat mij en ons gezin heeft gemaakt tot wie we nu zijn. Elk met onze nieuwe sterktes, helaas ook met onze nieuwe pijnpunten, vooral getekend door emoties van angst. Ik besef nog maar eens dat mijn weg gewoon nog loopt en nog erg veel tijd nodig zal hebben. Het is iets van mij, maar ook van ons als gezin, maar ook iets van de girlsquad ten huize Persoon. Gelukkig zijn er wel een aantal mensen in mijn omgeving die dat ook zien. Het is niet voor niets dat artsen mij enkel parttime laten werken. Ik heb die recuperatie nog steeds nodig.

Toen er werd gesproken over het eerlijk communiceren of zij de juiste persoon voor ons bleef, werd het even zwart voor mij. Alsof de grond vanonder me wegzakte. Gek, dat ik nu pas besefte waarom die uitdrukking net die uitdrukking is geworden. Ik voelde het echt licht onder mijn voeten worden. Ze mocht me niet alleen laten. Zij is al die tijd mijn steun en toeverlaat geweest. Zij zat niet op de eerste rij, maar stond naast me op het podium. Zij was mijn souffleur, misschien soms zelfs regisseur. Door haar werd het geen onemanshow, maar een stuk waarin naast tal van gastrollen ook plaats bleef voor een hechte clan. Helaas speelden we geen rolletje, maar bittere realiteit.

Ze stelde me gerust en wist weer met de juiste woorden mijn hoofd en hart in balans te krijgen.

De gesprekken zijn steeds pittig, maar brengen me wel steeds verder. Daar waar ik in het begin een erg goeie prater was die met heel veel woorden weinig tot niets kon zeggen, ben ik nu iemand die alles eruit gooit. Dankzij haar, omdat zij dat vertrouwen met mij heeft opgebouwd. Dus niet abnormaal zeker dat ik me net zo vastklamp aan haar hulp. Als het maar gezond blijft en dat niet aan haar als persoon is. Ocharme, ze zou elke dag leeggezogen naar huis komen van al die patiënten met elk hun eigen verhaal.

Stiekem hoop ik nog steeds dat er mensen zijn uit mijn medische bubbel van toen die meelezen. Zodat ze weten dat PVB een echte topper is!!! (Wanneer ik af en toe vroedvrouwen in opleiding zie passeren tussen mijn volgers, kan dat toch niet anders?)

Ik schreef eerder dat de jongens van elkaar werden gescheiden deze week. Een keer omdat het een groteheldendag was met de peter. Een andere keer doordat de kleine held én de mini heldin een nachtje van huis hebben geslapen. (ja je leest het goed, straks meer dus judge me vooral niet. Ja, ik voelde me geen goeie mama) Wel, die kleine held, die kotser van dienst (om 00:30), die verdient nu eens eer, pluimen in zijn poep, toeters en bellen, schouderklopjes, complimentjes,…

Het piekte toen de grote held richting een welbekend oord in De Panne trok met zijn peter. Hij besefte dat hun zwemdagje iets was voor grotere kindjes. Maar zijn gezichtje sprak boekdelen. Wanneer de deur sloot en hij “het is een leuke dag voor broer” zei, brak mijn hart in duizenden stukjes. Hij gunde het hem echt, wetende dat hij er zo graag ook eens heen wil. Ze belden even tussendoor, maar ook dan merkte ik dat het alleen maar een telefoontje met zout was die zijn wonde weinig goeds deed. Tegen de avond kwamen ze terug, maar lag deze held al in dromenland in een toen nog fris bedje. (HHH) Het eerste wat hij daags nadien wou weten, was of broer een fijne dag had gehad gevolgd met de vermelding dat hij binnenkort ook zou gaan. De kalender bracht verduidelijking en maakte dit dan ook concreet. Maar wauw, mijn driejarige zoon die zo zichzelf opzij schoof en oprecht blij was dat zijn broer dit had mogen meemaken…. (1 H, zo van “mijn mond valt open H”) Bij het luisteren naar diens verhalen was de ontgoocheling verdwenen en zag je duidelijk die oprechte gunfactor die hij steeds heeft naar zijn broer toe.

Twee dagen later mocht hij gaan logeren. Samen met zus. Het rauwe verdriet dat ik toen zag, deed dat gelijmde hart alweer aan diggelen slaan. Zijn woorden gingen door merg en been, hij wou bij mama blijven, want mama was niet ziek. De angst dat hij nog steeds ervaart dat er weer iets gebeurt, dat ze weer door zo’n helse periode moeten, het vreet meer aan hem dan ik ooit had durven toegeven. Mijn held met het grote je m’en fou gehalte is gevoeliger dan we vaak zeggen en heeft het er moeilijker mee dan aanvankelijk gedacht. Ik besloot toch maar lang genoeg te blijven en te zien of het probleem zichzelf oploste of niet. En dan is daar typisch, Lou gewijs, die ommezwaai. “Ik blijf wel bij Nona slapen, anders is mijn zusje hier alleen”. En weg was hij… Floep. Achteraf gezien ben ik vooral erg blij dat hij zelf die beslissing heeft gemaakt, want er was echt geen andere optie. En toegegeven, de eerste nacht zonder mijn popje, het doet wat met een moederhart. En dan vooral op dat schuldgevoel.

Maar dus, kleine held, dappere wolf (zijn huistotem die hij deze week kreeg van de grote held), jij bent zo uniek, zo mooi in jouw zijn en je brengt ons elke dag zoveel bij! Het is zo hard al dat breken en lijmen van mijn lichaamsmotor waard!

Je kotst de wijze lessen eruit alsof je een chronische salmonellavergiftiging hebt. Maar voor nu, graag geen halfverteerde druiven in mijn nek vannacht..

H H H

Een warrig schrijven, maar hé, mamabrein it is!

H H H

Toedels